Temperatuurmeting en Sensortechnologie: Principes en Toepassingen
Enviado por Anónimo y clasificado en Otras materias
Escrito el en
neerlandés con un tamaño de 3,98 KB
1. Temperatuur: Definitie en Fysische Achtergrond
Temperatuur is de maat voor de warmtegraad van een stof. Fysisch gezien bestaat elke stof uit atomen die voortdurend trillen. Warmte is energie; wanneer deeltjes harder trillen, stijgt de temperatuur. Hoe hoger de trillingsenergie, hoe warmer de stof.
- Microgolfprincipe: Watermoleculen worden aan hun resonantiefrequentie in trilling gebracht, waardoor ze tegen elkaar wrijven en voedsel van binnenuit opwarmt.
- Absolute nulpunt: -273,16 °C of 0 Kelvin. Bij deze temperatuur is er geen trillingsenergie meer aanwezig.
2. Fysische Principes van Temperatuurmeting
Temperatuur kan worden gemeten door fysische verschijnselen die veranderen met de temperatuur:
- Uitzetting
- Verandering van elektrische eigenschappen
- Thermo-elektrische spanning
- Warmte- of infraroodstraling
- Smelten van vaste stoffen
- Kleurverandering van bepaalde stoffen
3. Temperatuurschalen en Eenheden
- Celsius (°C): Ontwikkeld in 1742. Gebaseerd op het smeltpunt van ijs (0 °C) en het kookpunt van water (100 °C). Veelgebruikt in Europa en de industrie.
- Fahrenheit (°F): Nulpunt gebaseerd op de koudste meetbare waarde destijds; 100 °F is de gemiddelde lichaamstemperatuur. Wordt nog gebruikt in de VS.
- Kelvin (K): Absolute schaal (start bij 0 K). De officiële SI-eenheid in de wetenschap. Gebruik geen 'graden', enkel 'Kelvin'.
Omrekeningen:
- °F = 1,8 × °C + 32
- °C = (°F − 32) ÷ 1,8
- K = °C + 273
4. Uitzettingsprincipe: Bimetaalthermometer
Twee metalen met verschillende uitzettingscoëfficiënten worden op elkaar gelast. Bij verwarming buigt de bimetaalstrook, wat een maat is voor de temperatuur.
- Klassieke bimetaalstrip: Nauwkeurigheid ±2%.
- Spiraalvormige bimetaalthermometer: Grotere uitzetting, nauwkeurigheid ±0,5%.
Eigenschappen: Robuust, goedkoop, meetbereik -40 °C tot +600 °C. Toepassingen: centrale verwarming, koelkamers, klimaatregeling.
5. Glazen Vloeistofthermometer
Een reservoir met vloeistof en een capillair met schaalverdeling. Bij stijgende temperatuur zet de vloeistof uit en stijgt in het capillair. Nauwkeurigheid: 0,5-5%. Toepassing: laboratoria.
6. Weerstandsthermometers
Gebaseerd op de verandering van elektrische weerstand bij temperatuurverandering:
- NTC: Weerstand daalt bij hogere temperatuur. Meetbereik -70 tot 200 °C, nauwkeurigheid 0,5%.
- PTC: Weerstand stijgt bij hogere temperatuur. Materialen: platina, koper, nikkel. Meetbereik -200 °C tot +800 °C.
7. PT100 Sensoren
Een platina weerstandselement (100 Ω bij 0 °C). Zeer lineaire relatie en hoge nauwkeurigheid (0,3-0,5%).
Formule: Rt = R0 × (1 + α × t)
8. Thermokoppels (Seebeck-effect)
Twee verschillende metalen aan elkaar gelast vormen een 'warme las'. Het temperatuurverschil met de 'koude las' genereert een thermospanning. Nauwkeurigheid: 1% (of 0,4% bij een thermozuil).
9. Stralingspyrometer en Infraroodcamera
- Stralingspyrometer: Bundelt infraroodstraling naar een thermokoppel.
- Infraroodcamera: Zet infraroodstraling om naar een zichtbaar beeld. Meetbereik -50 °C tot +500 °C. Toepassing: inspectie van motoren en hoogspanningscabines.
10. Zero-Span Afstelling
Het instellen van het meetbereik (bijv. 4-20 mA) om de resolutie te verhogen. De transmitter zet de sensorwaarde om naar een standaard industrieel signaal.
11. HART-protocol
Maakt sensoren 'intelligent' door digitale data (diagnose, configuratie) over de bestaande 4-20 mA lijn te sturen zonder het analoge signaal te storen. Werkt bidirectioneel.